Columns

Columns

Lees, lees!

Naast wandelen, fietsen, puzzelen (1000 stukjes of meer!), is ook lezen aan te bevelen in tijden van lockdown. De Britse psychologe Claudia Hammond legt in haar boek The Art of Rest uit waarom. Lezen is dé onbetwiste rustgever, je wordt er reuzerelaxt van! Het zorgt voor heilzame afleiding en tijdens het lezen kun je soms zomaar wat mijmeren, en ook dat is ontspannend. Maar lezen is vooral zo belangrijk voor je omdat het je vrijheid geeft. ‘Wie leest, heeft de regie.’ Je kunt je eigen tempo bepalen, gruwelijke of saaie stukken overslaan, je kunt ook terugbladeren, herlezen zo vaak je wilt of vooruit kijken als je wilt weten hoe het afloopt. Deze vrijheid geeft ontspanning! En verder helpt lezen tegen eenzaamheid. Wie leest, is nooit alleen. Leestip: Hammonds boek!

Andere geweldige -nieuwe- boeken zijn bijvoorbeeld ‘Het glanzend zwart van mosselen’ van Oek de Jong (hij neemt je mee op verre reizen!) en ‘De terugkeer’ van Esther Gerritsen. En wil je over de Trump-tragedie lezen is ‘De familie Golden’ van Salman Rushdie echt een aanrader. Hij schreef het al in 2017. Er staan zinnen in als: “Soms is de wereld opgefokter, overdrevener, hyperbolischer infernaal dan zelfs een hyperboliserende infernalist ooit in zijn wildste dromen zou hebben kunnen dromen.” Tja.

 

De zes bedelaars

We zijn met zes. Zes bedelaars. De blinde en ik zijn broers, ik ben doof. Hij luistert voor mij, ik kijk voor hem. Er is er ook een die stottert, en een met een lange ietwat gedraaide nek, een met een bochel en ten slotte is er nog een die zich uit de voeten maakte – hij beloofde terug te komen, maar we hebben hem nooit meer gezien. Wij zijn de zes bedelaars van de stad. En de zevende bent u misschien.

Alles wat we zeggen is voor-voorlopig zegt de stotteraar (we noemen hem ‘de dominee’). Dit verhaaltje gaat nu beginnen. Gaat nu. Beginnen. Maar beginnen. Doet het niet. Het is. Dat u. Begonnen bent, uw verhaal te lezen. Te te te lezen in dit verhaaltje. Uw mooiste. Uw mooiste verhaaltje. Is nog altijd uw eigen verhaal.

Je speelde. Je dacht. Je vond. Je leed. Je jammerde. Je lachte. Je loopt, je loopt, over de stoep. In een stad. Kerst-kerstmuziek klingelt al uit de lange. De lange Jan. En je ziet, je ziet een kind in de kou. Het r-rilt. Zijn mooie ogen kijken. Kijken jou wakker. Kleine tranen schitterblinken. Het loopt aan een hand. Het heeft geen eigen land. Het moest mee. Mee in de de de vlucht. Het vraagt. Vraagt bij jou. Vraagt bij jou asiel. De moeder, de schichtige vrouw, waar is de moeder? Neem het kind. Nu. Op de arm.

Je struikelt. Bijna. Je bent moe. Maar je valt niet. Het kind vraagt aan jou met doorslaande stem. In jouw eigen taal vertaald: waarom. En het zegt. Het zegt. Weer in jouw eigen. In jouw eigen taal ver-ver-vertaald: Ik wil spelen, ik wil ook lachen, ik wil ook slapen, ik wil ook dromen mooiste dromen, ik wil ook gebakte koekjes eten, ik wil ook een muntje, een muntje, een muntje, een muntje.. van chocola. En je wilt iets. Iets zeggen. Maar je. Weet niet. Wat. Je huilt. Je houdt je hand op. Je blaast een kusje. Van je hand.

Maar ik, sta achter jou, open mijn hand, mijn mond, met dit verhaaltje. Het is ook mijn verhaal. Het is het. Het mooiste.

Luister nu naar die, die met de lange, iet-ietwat gedraaide nek – luister naar de politicus: Heel ver teruggekeken in de tijd lijkt het mij niet meer dan logisch dat het kleine beetje tijd dat we hebben, dit beetje toekomst, deze voorlopigheid van alle dingen, dat dit een gevolg is van al het verleden dat we achter hebben en zich nauwkeurig laat bekijken. Ik bedoel, ik geef er maar een draai aan. Op den duur gaan we allemaal terug naar onze kinderjaren, en ons laatste bed is een kribbe van hout, zo oud zijn we dan, maar ook zo jong, helemaal niet buiten adem.

En kijk, ik draag het kind op mijn rug, ik zal het nooit zien, zegt de bedelaar met de bochel. Maar het is me lief, het is me het liefst. Deze bedelaar, hij is de kunstenaar, hij moet echt zijn hand ophouden, voor een beetje subsidie.

En onze zesde bedelaar – we noemden hem ‘de eeuwige bedelaar’, hem kunnen we dus niet laten opdraven. We hebben hem nooit meer gezien, zei ik al. Maar dit weten we, dit is onze troost: zijn verhaal is ook dit verhaaltje, maar dan zonder einde.

[Barneveldse Krant 19 november 2020]

 

Dertigers in 2019

Wie er op let komt ze overal tegen, dertigers. In de sport (tennisfenomeen Roger Federer is 38, tennisicoon Maria Sjarapova is 32, schaats-ster Ireen Wüst is 33), in de politiek (Rob Jetten is 33, Jesse Klaver is 33, Lilian Marijnissen is 34, Thierry Baudet is 37 en Klaas Dijkhoff is 39), in de muziek (violiste Lisa Jacobs is 35 en dj Afrojack is 32) en als schrijvers van boeken (Joost de Vries is 36, Niña Weijers is 33). En zo kunnen we nog wel even doorgaan. Her en der gaan stemmen op dat dertigers de macht overnemen. Misschien ook in Bussum. Er wonen al relatief veel dertigers. Zo’n vaart zal het niet lopen, maar het zou goed zijn voor de twijfelende twintigers, de vierende veertigers en de fuivende vijftigers. Toch? Niet zomaar goed, maar omdat dertigers meestal als dolend worden gezien. Misschien dat ze minder dolen dan veel mensen denken. Dertigers dúrven. Bijvoorbeeld influencer Rutger Bregman – historicus, journalist, bijna 32 –, hij herschrijft de geschiedenis van de mens in zijn boek ‘De meeste mensen deugen’, en concludeert: “Het grootste deel van onze geschiedenis spaarden we geen bezittingen, maar vriendschappen.” Je moet maar durven! Het boek is al een bestseller. Dertigers, je komt ze overal tegen, behalve in de kerk. Daar gaan we wat aan doen.

 

Emoji

Moet je vooral luisteren naar je gevoel? Of kun je beter je verstand gebruiken? Is het beste argument ‘het voelde gewoon niet goed meer’ en daarom.., of ‘ik kan maar beter mijn verstand gebruiken’ en dus..? Een lastig dilemma als je werk niet meer zo volmaakt leuk is dan het eerder toch was, of bijvoorbeeld als je relatie onder druk staat, of als je moet zien om te gaan met onverwerkbaar verlies. Volgens wetenschappers leven we in een emocultuur, gefixeerd als we zijn op emoties. Psychologie is populairder dan ooit, en via de emoticons (ze zijn er millennialiter sinds de jaren 90) voegen we digitaal bij ieder appje een gevoelsuiting: blij, verdrietig, boos, verbaasd, twijfelend, sarcastisch, geschokt, beledigd, verward, onzeker. Toch moet je je soms afvragen hoe eerlijk dat allemaal is, of hoe betrouwbaar. Worden we er menselijker van? Wie zijn eigen emoties vooropstelt kan ook ónmenselijker worden, namelijk: egoïstisch, narcistisch en manipulatief. Dus: laat je je vooral leiden door je gevoel of door je verstand? Wat is wanneer het meest ‘gezond’? Natuurlijk, het gaat om een balans tussen deze twee, maar hoe vind of houd je die dan? Emoties kunnen gespeeld zijn en misschien zijn ze louter chemisch van aard, gewoon actieve stofjes in je hersenen. Voeg er nog wat historie bij, dat we onze ‘emo-cratie’ geërfd hebben van de Romantiek in de 18e en 19e eeuw (alle tijd daarvoor lieten mensen zich leiden door de Rede), en je denkt: hm, voelt niet goed dit stukje. Aan jou de eer dit dilemma op te lossen door intelligente emotie, whatever it may be.

 

Kompas

Wat heb je nodig voor een innerlijk kompas? Zij: intuïtie, gevoeligheid. Hij: nieuwsgierigheid. Andere hij: Mijn kompas is al jaren stuk, dus ik weet het niet hoor. Nog een hij/zij: Er zijn normen en waarden, we kunnen niet zonder, dus ja wie zei dat, was het Jezus?, wat u niet wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander niet.

– En ik, ik heb nog niets gezegd. Volgens mij is een kompas bedoeld om richting aan je leven te geven, maar probleem is: het ding wijst het noorden (of zuiden) aan en wijst dus niet letterlijk de richting die je moet gaan aan. Het gaat erom dat je je oriënteert. Maar hee, dan kan ik dus nog steeds alle kanten op. Ik zeg: hallo lieve mensen, jullie zijn mijn kompas. Ik heb er even over nagedacht en ik vind kiezen tussen links en rechts een heus dilemma. Wanneer ga je goed? Even lastig vind ik de keuze tussen een vlucht naar voren (wat elke stap voorwaarts toch ergens is) en een stap terug (wat vaak ook niet lekker voelt). Blijft voor mij over dat ik stilsta, om me heen kijk en er is geen kompas te bekennen, behalve jullie dan. Jullie wijze woorden wijzen naar het noorden.

 

De mens is zichzelf tot raadsel

Weten wat je wilt. Tja, probeer daar maar eens achter te komen. Jij bent jij en ik ben ik en hij is hij en zij is zij, en jij bent morgen niet precies dezelfde, en ik ook niet, en hij of zij of wie waar ook ter wereld, ook niet. Je bent bijvoorbeeld dertiger/veertiger en je weet wat je wilt, denk je. Maar je ontmoet iemand op je werk met verhalen over een nieuw huis in een te gekke wijk, en je denkt: dat wil ik ook. Je wordt gebeld door een vriend die nu eindelijk zijn vakantiedagen opmaakt en hee die geen zin had in reizen en dus lekker thuis bleef en genieten dat het is! En je denkt: dat wil ik ook. (Waar kan het ooit beter zijn dan gewoon bij je eigen knusse zelf met alle spullen om je heen die je toch niet zomaar verzameld hebt.)

Ieder mens is zichzelf tot raadsel – zou zo’n prachtige onelinerige dichtregel kunnen zijn van een bekende Nederlandse dichter, geciteerd op een Rotterdamse vuilniswagen. Zó herkenbaar. Om te weten wat je wilt moet je jezelf een beetje kennen, moet je ook enigszins kunnen overzien wat je mogelijkheden zijn én zul je eerlijk moeten toegeven dat alle beslissingen die je neemt nooit helemaal weloverwogen rationeel zijn. Emoties spelen ook een rol. Vaak een grote rol. Je hoeft geen psycholoog te zijn om te begrijpen dat ieder mens op eigen manier, rationeel en irrationeel, in staat is ‘goede’ keuzes te maken. Dus als je (nog) niet precies weet wat je wilt, let niet teveel op anderen. Zij weten het vaak ook niet.

En en, jij weet heus wel wat je wilt. Denk ik zo. Misschien voor één dag. Maar dan toch.

 

Kiezen voor focus

Heb je even tijd? ’t Is belangrijk dit. Ik weet tijd is kostbaar, tijd is alles. Heb je geen tijd, dan houdt het hier op. Of wacht, nog heel even, ik draai er niet om heen: volgens mij kun jij wel wat extra tijd gebruiken, een beetje meer tijd voor de dingen, een beetje meer kalmte, niet alleen maar onrust, jagen en vliegen.

Maar meer tijd en meer rust in je leven, hoe pak je dat aan? Het geheim is je kunt je tijd vermenigvuldigen door het te delen. In plaats van overal en nergens je tijd in te investeren kun je kiezen voor focus. En let op, veel van wat je aandacht op dat moment niet verdient valt af, en voilà: je houdt tijd over! Dat gaat niet vanzelf, maar trouw blijven aan een doel levert veel rust op. Je laat je niet meer leiden door de flow van de dag of de angst iets te missen, maar je maakt je keuzes. En jawel, je bent zomaar een leerling van de oude Prediker. Hij schrijft: ‘Er is voor alles een bepaalde tijd.’

Kiezen voor focus, door ontmoeting en gesprek bijvoorbeeld. Het is delen en vermenigvuldigen van tijd, er komen soms zomaar levensvragen aan de orde en je investeert in elkaar. Daar word je nou rustig van. Al het andere kan gerust even wachten!