Archief van
Maand: maart 2019

Wat de doemprofeten over het hoofd zien

Wat de doemprofeten over het hoofd zien

boudry
Verschijnt deze week

[fragment] Als je rond het jaar 1000 had proberen te voorspellen waar de kiemen van de wetenschap tot bloei zouden komen, dan zou het achterlijke West-Europa met zijn versnipperde, oorlogszuchtige en armtierige koninkrijkjes niet de waarschijnlijkste keuze lijken. De islamitische beschaving leek op een bepaald moment zelfs een betere kanshebber. Tijdens het kalifaat van de Abbasiden in Bagdad had de islamitische beschaving een flinke voorsprong op christelijk West-Europa, met een bloeiende markteconomie, een rijke literatuur en dito filosofische traditie.

Bagdad gold tijdens deze Gouden Eeuw als een ontmoetingsplaats voor geleerden van verschillende culturen en religieuze tradities, waar op vrije wijze (naar toenmalige standaarden) kon geredetwist worden over filosofie en wetenschap. De verlichting is geen uniek Europese uitvinding. Het is een ideeënstelsel dat op verschillende plaatsen en in verschillende tijdvakken opflakkerde, om daarna helaas telkens weer uit te doven.

(..)

Door een speling van de geschiedenis kwam het christendom als allereerste religie terecht in wat Pim Fortuyn de ‘wasmachine van de verlichting’ noemde. Dat heeft een belangrijke consequentie, die de doemprofeten van de islamisering vaak over het hoofd zien. Toen de wetenschappelijke revolutie en daarna de verlichting in West-Europa vaste voet aan de grond kregen, wisten de christelijke autoriteiten aanvankelijk niet goed wat hun overkwam. Niemand kon op voorhand voorspellen waartoe al dat kritisch onderzoek zou leiden, waardoor de bedreiging die ervan uitging te laat werd ingezien.

De aanval op de christelijke God vanaf de renaissance was niet openlijk, maar eerder een heimelijke sluipmoord. De confrontatie tussen de islam en de moderniteit vindt in een compleet andere context plaats. Er kan nu eenmaal slechts één religie als eerste door de wasmachine gaan. Moslims zien de ideeën van de moderniteit als fremdkörper, van buitenaf geïmporteerd. Niet zelden ging hun intrede gepaard met imperialisme en kolonisering, of werden ze van bovenaf opgelegd, zoals in het Turkije van de seculiere hervormer Kemal Atatürk.

Gelovige moslims zijn daarom beter voorbereid dan gelovige christenen destijds. Zij zien de godendoders al van verre aankomen, met hun gevaarlijke ideeën over vrijheid, gelijkheid, pursuit of happiness en universeel broederschap van gelovigen en ongelovigen. Zij beseffen heel goed dat hun zusterreligie na de verlichting nog maar een schim van zichzelf is, en ze willen vermijden dat hun hetzelfde overkomt.

Stel dat de geschiedenis een andere wending had genomen en dat de verlichting eerst voet aan de grond had gekregen tijdens de bloeiperiode in Bagdad. Stel dat een vrome moslim de boekdrukkunst had uitgevonden, en dat de wetenschappelijke revolutie onder het Abbasidische kalifaat had plaatsgevonden in plaats van in christelijk West-Europa. Dan hadden we een heel andere wereld gekend. Dan was de islam wellicht als eerste in de wasmachine van de verlichting terechtgekomen.

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail
Boekenweekgeschenk 2019

Boekenweekgeschenk 2019

[bron: hebban.nl] De Hebban Literatuur Club was benieuwd: op welke manier zou het Boekenweekgeschenk aansluiten bij het oeuvre van Siebelink? Hoe ontvangen kenners van het werk van deze auteur het geschenk, en hoe ervaren lezers deze eventuele eerste kennismaking met Siebelink?

Een echte Siebelink  

Er zijn absoluut parallellen te trekken tussen het hoofdpersonage en Jan Siebelink, maar volgens Sigried is het absoluut niet noodzakelijk om iets over de auteur of zijn oeuvre te weten om van het Boekenweekgeschenk te genieten. Ook zonder achtergrondkennis blijft het verhaal overeind. ‘Ik vind het mooi dat Siebelink voor het Boekenweekgeschenk trouw blijft aan zichzelf,’ zegt zij. ‘Hij probeert niet iets bombastisch of groots in een novelle te proppen. Hierdoor blijft het geheel heel goed in evenwicht, het is echt een afgewerkt verhaal. Jas van belofte is voor zijn fans thuiskomen, maar lijkt me eveneens een ideaal boekje ter kennismaking met zijn oeuvre.’  

Helena noemt Jas van belofte ‘een echte Siebelink’: ‘Het is een boek dat bol staat van contrasten en uitersten; er is ziekte en gezondheid, leven en dood, een verlangen naar een vader en een verdwenen vader, plezier in het lesgeven en conflicten met collega’s, een overleden dochter en een substituut daarvoor. Talrijke Bijbelse parallellen zijn er te ontdekken en ook wanneer je het boek herleest ontdek je weer nieuwe dingen. Dat niet alles in dezelfde mate uitgewerkt kan worden in dit fraai geschreven boekje spreekt voor zich, het maakt het alleen maar zoveel groter voor de lezer. Je kunt merken dat er over iedere zin en over ieder woord nagedacht, gewikt en gewogen is, niets is namelijk toevallig in dit boek.’

Saar, die de vele lagen in het verhaal herkent en kan waarderen, had daarentegen wel wat moeite met de schrijfstijl, ‘omdat ik sterk het gevoel heb dat deze stijl vooral bij een langere roman past.’  

Bijbelse taferelen  

Jan ziet motieven uit eerder werk van Siebelink terugkomen in Jas van belofte en benadrukt de vele Bijbelse verwijzingen in de novelle. Zo verwijst de titel naar een Bijbelverhaal uit Koningen 2:12, waarin de profeet Elia zijn mantel overdraagt aan de profeet Elisa om vervolgens zelf opgenomen te worden in de hemel met een ‘vurige wagen’.

Een waargemaakte belofte  

Anne noemt de aandacht die er is voor het schrijven en het schrijverschap toepasselijk: ‘De personages vertegenwoordigen verschillende soorten schrijvers. Siebelink brengt dus een heleboel zaken bijeen in zijn Boekenweekgeschenk, maar zonder er een onbegrijpelijk verhaal van te maken.’    

Volgens Helena schrijft Siebelink met het Boekenweekgeschenk een ode aan zijn eigen oeuvre: ‘Het is het toefje slagroom op een al verrukkelijke appeltaart, een feestje om te lezen. Of er iemand in staat zal zijn om ooit de jas van Siebelink over te nemen valt nog maar zeer te bezien; laten we hopen dat er nog meer moois van de hand van deze geweldige schrijver mag verschijnen.’  

Volgens Sigried heeft het verleden al uitgewezen dat het niet altijd evident is om dezelfde schrijfkracht als in eerder werk in een novelle overeind te houden. ‘Na een paar pagina’s kon ik al opgelucht ademhalen. Hoe je zoveel verhaal, zoveel emotie, zoveel diepgang in amper 90 pagina’s kan krijgen is mij een raadsel, maar Siebelink slaagt er met glans in’, zegt zij.

Ook Natalie vindt dat Jas van belofte de belofte meer dan waar maakt: ‘Dit is één van de betere Boekenweekgeschenken. Als je nog niets van Siebelink hebt gelezen, is Jas van belofte een goede kennismaking.’

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail
Jan Siebelink: ‘Brief aan mijn moeder’

Jan Siebelink: ‘Brief aan mijn moeder’

Lieve moeder,

Ik val maar met de deur in huis. De aarde warmt op. Hergebruik en duurzaamheid zijn woorden die velen in de mond bestorven liggen. Alles wordt anders. ‘Transitie’ heet dat tegenwoordig. Het hele land moet om.

(..)

Een zomerse zondagochtend, na de oorlog. Ik ben negen en zit met een boek in vaders leunstoel. Hans zit op een kruk aan jouw voeten, jij hebt mijn jongste broertje op schoot. Je kijkt plaatjes met hem, fluistert verhaaltjes, terwijl vader, aan tafel, luid een paauweaanse preek leest. De thuisdienst zal uren duren. Je hebt de suitedeuren goed dichtgetrokken, het zijraam van het haakje gehaald. De wereld is buitengesloten. Alle aandacht moet op het Woord gericht zijn. Jij probeert de kinderen bezig te houden, je geeft vader de ruimte, je probeert greep op alles en iedereen te houden. Dan trekken op straat luidruchtige voetbalsupporters voorbij. Vader kijkt jou verstoord aan, leest door, luider. Ten slotte is na een lang gebed (jij vouwde je handen niet, je legde ze over elkaar) de dienst voorbij. Je staat op om koffie te maken. Ik loop achter je aan, blijf bij je staan, ga dan terug naar de kamer waar vader nog steeds aan tafel zit, bleek, onthutst over wat hij zonet heeft gelezen: ‘Dat geloof van u is zelfbedrog. U bent voor God onacceptabel. Ik vraag het totale verlies van uzelf, de algehele leegmaking, de ontmanteling van uw persoon. Ja, pas dan is er een geringe kans ….’ Calvinisme, in zijn donkerste vorm, en Zen lijken elkaar hier te raken.

Wat had ik met jullie beiden te doen. De welhaast sartriaanse eenzaamheid in die dichte kamer.

Je zet de koffiekopjes op tafel en ik hoor nog jouw woorden tegen vaders gebogen hoofd: ‘Mens, wat doe jij jezelf aan.’

Veel later, volwassen, heb ik je weleens gevraagd: ‘Hoe is dat gegaan tussen jou en vader? Wanneer is het eigenlijk begonnen?’ Je wilde, of kon, er geen antwoord op geven.

(..)

Gedrieën, de broers en ik, zaten we voor jouw verjaardag in het restaurant onder aan de straat en opeens kreeg het gesprek een verrassende wending. Arno zat aandachtig naar die mooie sepiafoto van jou te kijken. Hans zei toen peinzend dat jij waarschijnlijk wel een dochter had willen hebben. Dat zou een extra steun voor je zijn geweest. Arno keek ons beiden lang aan. ‘We hebben een zusje gehad. Ze heette Anne, net als mijn eerste doopnaam. Ze heeft één ademtocht geleefd.’

‘Maar, hoe weet je dat?’ vroeg mijn andere broer.’ Heeft moeder jou dat verteld?’

‘Nee. Ik weet het.’

En ik dacht terug aan de buurvrouw die de kwekerij oprende, aan vaders ontredderde gezicht.

‘Jij gelooft het’, zei ik. ‘Dan is het waar.’

Lieve, karaktervolle moeder. Ik schrijf je en de vragen stapelen zich op. Antwoorden krijgen kan niet, hoeft ook niet. Ik mag jou geheimen toedichten, bedenken. Maar jij houdt het recht op je eigen geheimen. Dit schrijven is als genoeglijk praten met jou, zoals we dat zo vaak gedaan hebben.

Even ben ik weer bij je, thuis.

Zoen, Jan

bron: volkskrant.nl

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail
Anna Burns

Anna Burns

[covertekst] Met een verbijsterend, adembenemend tastbaar gevoel voor tijd en plaats verhaalt Melkboer over de roddels en geruchten, de stilte en opzettelijke doofheid in een naamloze stad.
We volgen middelstezus, die druk bezig is haar misschien-vriendje voor haar moeder verborgen te houden, terwijl iedereen in het duister tast over haar ontmoeting met de melkboer – een gebeurtenis waar zij zelf ook geen grip op weet te krijgen. Maar dan komt haar schoonbroer erachter, en spoort hij haar zus aan om haar moeder op middelstezus af te sturen. Plots wordt zij ‘interessant’ – het laatste wat ze wilde. Want interessant worden betekent opgemerkt worden en opgemerkt worden is gevaarlijk.
Melkboer is een zinderend eerlijke roman, even accuraat en onsentimenteel als verwoestend en wreed. Een verhaal dat overal en nergens zou kunnen plaatsvinden – een roman van onze tijd.
Anna Burns (1962, Belfast) publiceerde eerder twee romans en een novelle. Zij won de Winifred Holtby Memorial Prize in 2001 en werd in 2002 genomineerd voor de Orange Prize for Fiction.
Zij is de eerste Noord-Ierse auteur die met de prestigieuze Man Booker Prize werd bekroond.

“Niemand van ons heeft ooit eerder zoiets gelezen. Anna Burns’ uiterst onderscheidende stem daagt conventioneel denken uit en resulteert in verrassend en meeslepend proza.” – Uit het juryrapport van de Man Booker Prize

burns
Verschenen: februari 2019

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail