Archief van
Dag: 10 maart 2017

Leeslevers

Leeslevers

otten7Er is iets geheimzinnigs aan de man of vrouw die lezend leeft. Er is geen enkelvoudig woord voor, maar we kunnen hem of haar een ‘leeslever’ noemen (..). De leeslever heeft het gevoel, denk ik, dat hij of zij door te lezen aangesloten raakt op een brein dat voor hem denkt. Of: door hem héén denkt. Op een of andere manier vindt hij altijd feilloos het boek dat hij wil lezen. Terwijl hij leest blijft hij heus ook ‘zelf denken’, dat merk je aan het feit dat hij soms een streepje zet in de kantlijn, of een aantekening maakt – en toch wordt er voor hem gedacht door de zinnen die hij leest, zijn denken wordt van hem óvergenomen. Dat een boek op zeker moment uit is, is voor de leeslever een rare toestand – hoe moet je denken zonder dat je leest?

[uit: Willem Jan Otten, Kees Fens-lezing 2017]

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail
De spagaat van de schrijver als spreker

De spagaat van de schrijver als spreker

lorcaKarl Verstrynge over de dichter Lorca: “Zijn terughoudendheid om een omvangrijk publiek toe te spreken vertolkt de overheersende stemming van Lorca’s gedichten die hij bijeenschreef in New York. ‘Telkens als ik voor een talrijk publiek moet praten, lijkt het wel alsof ik mij van deur heb vergist.’ Met deze zin vangt de Spaanse schrijver en dichter Federico Garcia Lorca in 1932 een lezingenreeks aan over zijn veel geprezen en besproken dichtbundel Dichter in New York. De weerloze, hulpeloze en eenzame dichter in de grootstad observeert, protesteert en klaagt aan, met als voornaamste grondtonen de verstikking van het individu in de anonieme massa en de doorgedreven mechanisering. Zijn dichtwerk vertolkt de schrille kreet van de kwetsbare dichter, de verontwaardigde aanklacht van een doemprofeet, de roep van de enkeling in een metropool. Maar hoe beslist en direct ook in zijn poëzie, spreken voor een talrijk publiek doet Lorca schromen. De onmiddellijke confrontatie met de ogen en oren van velen brengen de spanning naar boven tussen de individule belijdenis van zijn dichtwerk en de brede maatschappelijke aanklacht die het brengt. Zijn klacht, hoe breed en sociaal bewogen ook, is singulier en persoonlijk. Lorca wil de afzonderlijke lezer aanspreken en zijn dichterlijke boodschap boet aan kracht in wanneer ze buiten de dichtkunst om, in directe bewoordingen, onder een lezerspubliek wordt verspreid.”

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail